Maatregelen en/of sancties

(ingevolge de beslissingen van de ALV van 10 april 2015)

Nadat de Gedragscommissie onderzoek heeft gedaan ingevolge artikel 4, 5 en 6 van haar statuut, kan de Gedragscommissie komen met een advies aan het Hoofdbestuur.

Dit advies kan inhouden een straf op te leggen zoals bedoeld in artikel 6 van de verenigingsstatuten (berisping, schorsing of royement), danwel een alternatieve sanctie. Deze staat geheel los van hetgeen de KNVB eventueel ook nog beslist.

Veilig voetbalklimaat

De Gedragscommissie stelt bij haar advies een veilig voetbalklimaat bij L.M.O. voorop. Dat houdt in dat deze wijze mensen moeten bekijken hoe op korte en langere termijn de veiligheid van L.M.O. het beste gediend is. Straffen en royeren zijn geen positieve en constructieve maatregelen en zullen enkel en alleen als last resort worden ingezet. Enkel indien het echt niet anders kan, indien het de verwachting is dat het bewuste lid (of diens ouder of familielid) een blijvend gevaar is voor L.M.O., haar leden of haar gasten, zal een strafmaatregel als deze worden geadviseerd. Het blijft verder aan het Hoofdbestuur om de voorgestelde maatregel te effectueren.

Veiliger voor jezelf, veiliger voor L.M.O.

De Gedragscommissie zal voor ieder individueel geval bekijken welke maatregel het beste is. In ieder geval wordt de betrokken persoon in een gesprek betrokken om het gebeuren met elkander door te nemen. De hoop is dat hiermee beter inzicht wordt verschaft in het waarom wel/niet bepaald gedrag bij L.M.O. gewenst of ongewenst is. Daarnaast kan het zijn dat de Gedragscommissie bepaalde maatregelen voorstelt om het verenigingslid te helpen een beter beeld te krijgen op de situatie en alternatieven te bieden voor gelijkaardige situaties. De gedachte dat terugslaan een gerechtvaardigde oplossing is, getuigt van een kortzichtige benadering. Ook al is het in reactie op een klap terugslaan heel begrijpelijk, het is niet alleen primair, maar ook ondoordacht. Het leidt vaak tot verdere escalatie en daarmee ook schade voor jezelf en L.M.O.. Veel beter is om op een zelfzekere manier in alle rust, uitermate cool, iemand aan te spreken op zijn gedrag en het vervolgens ook te melden bij de bevoegde instantie. Die zelfcontrole kan je leren en L.M.O. vergt van ieder van haar leden dat ze ook hun uiterste best doen om die zelfcontrole aan te leren ten einde ook L.M.O. een goede naam te geven en te laten behouden.

Meewerken aan het onderzoek

De wijze waarop iemand meewerkt bij een onderzoek naar de feiten, zal zeker een rol spelen bij de uiteindelijke voorstellen. Ook de medewerking van andere teamleden kan van invloed zijn hoe tegen het team als geheel wordt gekeken. Heel vaak is er een groepsdynamiek die bepaalde gedragingen kan verklaren. Gelet op artikel 5 van het eigen statuut zal eenieder de volle medewerking moeten geven.

Scheidsrechters

De Gedragscommissie gaat verder uit van de onschendbaarheid van scheidsrechters. Scheidsrechters hebben altijd gelijk, ook als ze geen gelijk hebben. Op het veld en tijdens en na de wedstrijd wordt er geen discussie gevoerd met de scheidsrechter. Spelers en coaches houden hun commentaar voor zich. Alleen de aanvoerder mag de scheidsrechter om uitleg vragen, maar er niet mee in discussie treden. Publiek houdt ook wijselijk haar mond. Scheidsrechters, en zeker ook de jongere scheidsrechters die bij pupillenwedstrijden worden ingezet, kunnen door al dat commentaar flink geïntimideerd raken. Dat is het anti-voorbeeld van veilig voetbal. Personen die zich jegens scheidsrechters misdragen kunnen dan ook rekenen op een flink lik-op-stuk beleid. Als je het dan beter weet, loop je ernstig het risico een volgende keer zelf een wedstrijd te moeten leiden, al dan niet samen met een meer ervaren scheidsrechter, al dan niet na het volgen van een eventueel verplicht gestelde cursus aangaande de regelen der voetbal.

Als je dan toch nog commentaar hebt op ingezette scheidsrechters, meld je dat bij het wedstrijdsecretariaat en bij niemand anders. Zij bekijken dan of er iets met die melding gedaan moet worden en/of die scheidsrechter wellicht een nadere opleiding of training kan gebruiken.

L.M.O. = WIJ

De Gedragscommissie streeft er verder ook naar om personen die zicht niet aan de vuistregels hebben gehouden, zelf te laten ervaren wat de gevolgen zijn van hun gedrag of het ontbreken ervan. Met name zal ook worden toegezien op de vierde vuistregel. Die komt er namelijk op neer dat kleedkamers ordentelijk worden achtergelaten. Dat is een collectieve plicht voor het hele team! Ook als iemand binnen het team was aangeduid om de kleedkamer netjes achter te laten, en dat niet heeft gedaan, blijft het team als geheel verantwoordelijk voor dat ordentelijk achterlaten. Bij constatering van het zich niet houden aan die collectieve verplichting, kan inhouden bijvoorbeeld dat men een wedstrijddag alle kleedkamers moet controleren en schoonmaken, voor zover die niet netjes zijn achtergelaten. Overigens ontslaat zulks de andere teams dan niet van hun verplichting en kunnen die ook weer op dezelfde wijze worden aangepakt.

Beleid voor een veilig L.M.O. aanscherpen

De Gedragscommissie houdt verder alle meldingen (dus ook die niet tot een advies hebben geleid) bij ten behoeve van haar jaarverslag, maar zal ook tussentijds beoordelen of er sprake is van een structureel probleem, zoals bijvoorbeeld het frequent optreden van problemen bij één spelersgroep. Dan zal worden bekeken of er andere aspecten een rol spelen bij het telkenmale in herhaling vallen. Zo heeft L.M.O. al besloten dat vanaf het seizoen 2015-2016 alleen trainers/coaches met de juiste ervaring/opleiding en achtergrond op de meer “gevoelige” teams komen te staan. De junioren, D in het bijzonder, zijn nog uitermate kneedbaar en mits juiste aansturing tijdens trainingen en wedstrijden, kunnen er veel problemen worden voorkomen. Ook kan het herhaaldelijk wangedrag binnen een groep leiden tot het wegsturen van de trainer/coach, dan wel het overplaatsen naar een andere groep.

Ook toeschouwers

Verder zal de Gedragscommissie ouders en andere toeschouwers daar waar nodig ook aanspreken op hun gedrag en ook al zijn ze geen leden, het opleggen van een terreinverbod door het Hoofdbestuur is nog steeds één van de beperkte mogelijkheden om wangedrag te weren van het L.M.O.-terrein. Uiteraard zal een terreinverbod enkel worden opgelegd indien eerdere pogingen om te komen tot een verbetering van de situatie niet geholpen heeft.

KNVB

Feit is dat de KNVB zeer zwaar kan straffen indien er sprake is van geweld, spugen of dreigen. De KNVB kan, indien dit gedrag is gericht aan scheidsrechters, minimaal een jaar schorsing opleggen, maar ook besluiten tot royement voor het leven. En wees gewaarschuwd, de KNVB vindt een opmerking in de trend van, “wacht maar tot dadelijk na de wedstrijd”, al dusdanig ernstig dat hiervoor een levenslange ban op voetbal mogelijk is. Een body check, een enkele klap, een trap op de voet van de scheidsrechter, of een poging daartoe in combinatie met dreigen of schelden, wordt evenzo gestraft. Er is derhalve weinig ruimte om te stellen dat het wel meevalt. De KNVB hanteert de facto een zero-tolerance beleid.

Om die reden zal de Gedragscommissie ook uitgaan van een streven naar algehele afwezigheid van dreigende of onprettig te ervaren situaties en al haar maatregelen afstellen op een structurele aanpak om te komen tot een veilig voetbal klimaat bij L.M.O., zoals dat door de KNVB en door diverse overheidsinstanties wordt voorgestaan.

Creativiteit tot veilig voetbalklimaat

De Gedragscommissie zal verder al haar creativiteit gebruiken om te komen tot dat veilig voetbalklimaat bij L.M.O., waar alle spelers en ouders, vrienden en kennissen zich uitermate veilig en op hun gemak voelen en met veel plezier in een gemoedelijke sfeer van hun vrije tijd kunnen genieten.

Voetbal is emotie, maar dat is geen excuus voor negatieve emoties. Die laat je maar lekker thuis. L.M.O. is zeker die moeite waard!